Cederbergen

Op zo’n twee uren rijden vanaf Kaapstad, nabij de dorpjes Citrusdal en het noordelijker gelegen Clanwilliam, ligt het ruige landschap van de Cederbergen. Een wat onbekender (dus minder toeristisch) natuurreservaat met uitstekende lodges. De Cederberg is bekend om zijn zandsteenformaties die door de regen uitgesleten zijn en bizarre vormen aangenomen hebben. Dit rood-oranje gekleurde droge landschap zal u verrassen met immense open vlaktes, diepe ravijnen en spectaculaire watervallen die zich aan u openbaren tijdens de verschillende wandeltochten en nature drives die u hier kunt maken. Het is een gebied waar u volledig tot rust zult komen en u zich in the middle of nowhere zult voelen.

Dit is het land van de San en de Khoi, de Cederbomen, rooibosthee, buchu en rotsschilderingen. Cederbergen heeft een wereld erfgoed status en na uw bezoek zult beamen dat het deze status heeft verdiend.

De Cederbergen worden gekenmerkt door overhangende rotsen en holen waar zich op verscheidene plaatsen mooie voorbeelden bevinden van rotschilderingen gemaakt door de oorspronkelijke bewoners van dit gebied. De meest gekende zijn de olifantsschilderingen bij de Stadsaal grotten bij Matjiesrivier ten oosten van het Cederberg natuurreservaat (enkel te bezoeken met een permit, te verkrijgen bij de receptie van Cederberg wijndomein). Deze schilderingen variëren in leeftijd tussen de 300 en 6.000 jaar oud.

De vegetatie in de Cederbergen is hoofdzakelijk bergfynbos, maar ook protea’s, zijdeachtige hoornstruiken, zandolijfbomen en de Clanwilliam madeliefjes kunt u hier ontdekken. En op rotsachtige gedeeltes vindt u wilde olijven en bergmaytenus. De Waboom grasvlaktes en het opvallende purperachtig-blauwe ridderspoor, de rooibosthee en buchu groeien tegen de lagere rotsen, terwijl men hoger op fynbosriet en de rode Disa langs bergrivieren kan zien. De Clanwilliam Ceder groeit op rotsachtige gebieden op hoogtes van meer dan 1.000 meter boven zeeniveau. In de nattere ravijnen, komen de rode en witte els, geelhout, hard-peer en Kaapse beuk voor. De sneeuwprotea verkiest de hoger gelegen toppen van de Cederbergen. Kenmerkend is dat deze protea lijkt op de Koningsprotea maar met dat verschil dat de buitenbladeren van de bloem wit zijn in plaats van rood.

Dieren die u hier zou kunnen tegen komen zijn: bavianen, dassies, grijze reebok, klipspringers, duiker en grysbok. Het stekelvarken, de honeybadger, de klauwloze Kaapse otter en het aardvarken bevinden zich hier ook, maar worden zelden waargenomen. Het luipaard is het grootste roofdier dat in de Cederbergen voorkomt, maar door zijn schuwheid wordt het dier niet vaak gespot.

Kleinere zoogdieren omvatten onder andere de Afrikaanse wilde kat, lynx, de vleermuis-orige vos, aardwolf en de Kaapse vos. De kleine grijze mongoes en de gestreepte bunzing worden eveneens vaak gezien. Verder komen er diverse interessante knaagdieren voor zoals bijvoorbeeld de gebrilde slaapmuis.

Vogelliefhebbers kunnen meer dan 100 vogelsoorten ontdekken. Enkele voorbeelden: de zwarte adelaar, rots-torenvalk en jakhalsbuizerd. Ongeveer 16 slangensoorten komen hier ook voor zoals de bergadder, de pofadder en de Cape cobra, deze laatste drie behoren tot de gevaarlijkste en meeste dodelijke slangen. De gordeldierhagedis is één van de inheemse reptielen die hier wordt waargenomen.

De Cederbergen vormen tevens een belangrijk gebied voor het beheren van de Olifants en de Doornrivier. Het omvat de rijkste verscheidenheid aan inheemse vissoorten ten zuiden van de Zambezirivier. Deze vissen komen nergens anders behalve in de Olifants- en de Doornrivier voor. Acht van deze soorten worden met uitsterving bedreigd. Deze omvatten onder andere de Clanwilliam geelvis, drie van de roodvin witvis en twee van de bergcatlets. Jammer genoeg is het ook een riviersysteem onder bedreiging van menselijke activiteiten en door toedoen van vreemde fauna en florasoorten wat de kwaliteit van het water aantast.

Bent u van plan flinke wandel- of hikingtochten te gaan maken, houdt dan rekening met het weer. Vraag van te voren de weersvoorspellingen op en zorg voor goede wandelschoenen, bescherming tegen de zon als ook iets warms om aan te trekken. De winters in Cederberg kunnen koud zijn en nat terwijl de zomers warm en droog zijn. Zorg altijd dat u voldoende water bij u heeft. het Afrikaanse voor – en najaar zijn de mooiste maanden om de Cederbergen te bezoeken.